Te lang te laag

Waarom blijft die inflatie in Europa toch zo laag? Het is een vraag die menig Europese centrale bankier zich de afgelopen jaren weleens vertwijfeld gesteld zal hebben. De beleidsrente staat onder nul, er is voor miljarden aan obligaties opgekocht, de werkloosheid is van boven de 12% gedaald naar rond de 8% en nog steeds staat de kerninflatie niet hoger dan 1,1%. Een jaar geleden was dat nog 1,2%, het jaar daarvoor 0,9%, het jaar daarvoor 1,0% en zo kan ik nog wel even doorgaan. Zo plat als een pannenkoek, geen beweging in te krijgen. Maar waarom dan toch?

Het IMF kwam deze week met een studie waarin deze vraag centraal staat: ‘Understanding Euro Area Inflation Dynamics: why so low for so long?’. Het is een goed leesbaar werk waar de onderzoekers stapsgewijs en begeleid met heldere grafieken -niet weggestopt in de appendix- door het hele proces heengaan. Hierbij worden vier mogelijke bronnen van inflatie op de statistische pijnbank gelegd, om vast te stellen welke het belangrijkste is. Het gaat daarbij om de krapte van de arbeidsmarkt, de toekomstige inflatieverwachtingen, externe factoren (wisselkoers, olieprijs, buitenlandse inflatie) en de inflatie uit het verleden.

‘Als de inflatie vorig kwartaal laag was, dan beklijft dat en zet een rem op inflatie van het lopende kwartaal’

Wat blijkt? De arbeidsmarkt mag dan duidelijk belangrijker zijn dan de externe factoren, maar verreweg de belangrijkste factor is de inflatie uit het verleden. Simpel gezegd: als de inflatie vorig kwartaal laag was, dan beklijft dat en zet een rem op de inflatie van het lopende kwartaal.

Europa wijkt hierbij duidelijk af van Amerika, waar inflatie uit het verleden geen statistische rol van betekenis speelt. Amerikanen zijn ‘forward looking’, Europeanen ‘backward looking’. Als mogelijke verklaring hiervoor noemt het IMF de minder flexibele Europese arbeidsmarkt, het grotere gewicht van het midden- en kleinbedrijf in Europa en de hogere mate van indexatie van arbeidscontracten.

Als het inderdaad zo is dat lage inflatie uit het verleden een overheersende invloed heeft op toekomstige inflatie, hoe kom je dan ooit van die 1% weg? Het IMF trekt hierbij de conclusie dat de ECB er goed aan doet het huidige ruime monetaire beleid onverminderd voort te zetten, in de hoop om zo via een verdere verkrappende arbeidsmarkt en -wellicht- een oplopende inflatieverwachting de inflatie alsnog van zijn plaats te krijgen.

 

Dus stabiele inflatie is eigenlijk helemaal niet goed…?

Laat ik nou altijd gedacht hebben dat een stabiele, voorspelbare inflatie zeer wenselijk was. Als de conclusie echter is dat we daardoor veel meer moeten gaan duwen en trekken in de reële economie om inflatie van zijn plaats te krijgen, weet ik het zo net nog niet. Misschien dan toch maar (Amsterdamse) huizenprijzen aan het mandje van de kerninflatie toevoegen? Niet alleen staat de kerninflatie prompt een stuk hoger, maar het is ook gelijk gedaan met de stabiliteit van inflatie.

 

Origineel gepubliceerd in het Financieele Dagblad van 27 Augustus 2018.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s