Onrealistisch broddelwerk

Toen ik vorig jaar werd uitgenodigd door de commissie Financiën om deel te nemen aan een rondetafelgesprek over de herziening van box 3, voelde ik me vereerd. Aanleiding voor de uitnodiging waren de twee columns die ik in deze krant had geschreven, en waarin ik de nodige kritische noten kraakte over de veronderstelde rendementen, die ten grondslag lagen aan de wijziging van de vermogensbelasting. Vooral de veronderstelling dat een rendement van 4,25% op een obligatiebelegging haalbaar zou zijn, schoot bij mij in het verkeerde keelgat. Dat was de gemiddelde hoogte van de kapitaalmarktrente in de periode 2002-2008, aldus de officiële stukken. Waarom dat een representatieve periode zou zijn, werd niet uit de doeken gedaan. Hoe je 4,25% rendement in obligaties moest gaan halen met een kapitaalmarktrente van 0%, ook niet. Broddelwerk, was mijn oordeel en dat mocht ik in de commissie komen toelichten.

Ik was er op uitnodiging van Pieter Omtzigt en zijn doel werd al snel duidelijk: hij wilde graag weten wat een realistisch rendement op een beleggingsportefeuille zou zijn. Aangezien wij juist een studie over rendementsverwachtingen hadden afgerond, kon ik hem op zijn wenken bedienen: een goed gespreide portefeuille zou naar verwachting een gemiddeld rendement van 2,9% gaan opleveren. Ik had het nog niet uitgesproken, of het stond al op Twitter. “Robeco verwacht 2,9% rendement”. Of iets van die strekking.

Nieuwe schattingen

Dit jaar doe ik het eens anders: in plaats van naar Den Haag af te reizen, geef ik vanaf deze plek een update. Ook dit jaar hebben we namelijk een uitgebreide studie gedaan (Expected Returns 2017-2021) waarbij we al onze ramingen kritisch tegen het licht hebben gehouden. Wat aandelen betreft zijn we per saldo iets positiever geworden (6,5%) dan vorig jaar, maar met de kapitaalmarktrente van 0%, kun je toch echt niet enthousiast worden ten aanzien van obligaties. Een goed gespreide portefeuille zal volgens onze schattingen de komende vijf jaar een gemiddeld rendement van 2,5% laten zien. Let wel, dit is in het relatief optimistische scenario waarin de wereldeconomie de komende jaren braaf blijft groeien. Gaan we echter uit van een scenario van langdurige stagnatie – een verwachting waar een groeiend deel van de beleggers inmiddels in lijkt te berusten – komen we op een gemiddeld rendement van slechts 0% uit. In dat scenario bieden obligaties nog enige waarde, maar zijn de vooruitzichten voor aandelen juist negatief (-2%). Nu hoort u mij niet zeggen dat dit onfeilbare schattingen zijn, maar dat doet aan de onderliggende boodschap verder niet veel af: met de kapitaalmarktrente op 0%, is de 5,5% rendementsverwachting waar de belastingdienst vanaf 2017 mee rekent nog minder realistisch dan het vorig jaar al was. Als ik een tweetsuggestie mag doen? “Daalder: onrealistisch broddelwerk”

(origineel gepubliceerd in Het Financieele Dagblad van maandag 26 september 2016)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s