Don yuan

Onder het kopje Nieuws Waar Bijna Niemand van Wakker ligt, maakte het IMF maandagavond bekend dat de Chinese yuan vanaf volgend jaar onderdeel uitmaakt van de Special Drawing Rights (SDR). Volgens het persbericht van het IMF was het ‘een belangrijke mijlpaal’ en een ‘erkenning van de vooruitgang die China heeft geboekt in het hervormen van het financiële en monetaire systeem van China’.

Aan de ene kant is de toevoeging voornamelijk van symbolische waarde. Ondanks de 204 miljard SDRs die momenteel in omloop zijn – een straatwaarde van 285 miljard dollar –, stelt de munt niet zo heel erg veel voor. Het overgrote deel van deze tegoeden leidt een sluimerend bestaan als balanspost in het IMF-register, waarbij de actieve rol zich beperkt tot de interne rekeneenheid van het IMF. Dat iedereen eerder dit jaar verbaasd was dat Griekenland opeens 650 miljard euro uit de grote IMF-hoed wist te toveren door haar SDR-tegoed aan te spreken, zegt genoeg. Waar de SDR tot nu toe afhing van de waarde van de dollar, de yen, het pond en de euro, zal dat vanaf oktober volgend jaar worden uitgebreid met de yuan. Good for them.

Maar dan de wat minder gunstige interpretatie. Volgens de regels van het IMF moet een munt die tot het mandje van de SDR wordt toegelaten ‘vrijelijk verhandelbaar’ zijn, een claim die in het geval van China moeilijk hard te maken is. Tot op de dag van vandaag mogen Chinese ingezetenen hun yuan bijvoorbeeld niet vrijelijk omzetten naar buitenlandse valuta, terwijl de People’s Bank of China een zeer strikte controle heeft op de handel in yuan en de koers die tot stand komt. Vrij kun je het moeilijk noemen. Gesteld voor de keuze China nog eens vijf jaar aan de poort te laten wachten, of het land een officieel onderdeel te laten worden van het bestaande systeem, was men bij het IMF duidelijk bereid water bij de wijn te doen. Een beloning voor goed gedrag, gevoegd bij de verwachting dat China als ‘volwaardig’ kernlid van het IMF de ingeslagen weg zal voort zetten.

Bedenkingen

Ik heb zo mijn bedenkingen. Dat China zich voor de komende vijf jaar heeft gecommitteerd aan een groeidoelstelling van 6,5%, is een duidelijk teken dat aan de centrale sturing van de economie nog weinig veranderd is. Bij een keuze tussen die – in mijn ogen onrealistisch hoge –6,5% groei of vrijheid van wisselkoers en kapitaalstromen, weet ik al wat de uitkomst zal zijn. Mocht u twijfelen: eerder dit jaar hebben we al mogen meemaken hoe ‘vrij’ men de markt liet toen de aandelenbeurs met 40% in waarde daalde.

Al met al vraag ik me sterk af of China bereid is de prijs van vrijheid te betalen.

(Origineel gepubliceerd in het Financieele Dagblad van 2 december)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s