Breakeven of breakup?

http://www.economist.com/blogs/graphicdetail/2014/10/daily-chart-7

Liet ik eerder deze week al vier grafieken zien over de oliemarkt, kom ik er vandaag nog even op terug. Want deze van The Economist kan ik moeilijk laten liggen.

Zoals ik in mijn vorige column al aangaf, heeft de oliemarkt de afgelopen maanden een opmerkelijke beweging laten zien. Sinds het einde van juni is de prijs van een vat Brent olie met meer dan 25% in prijs gedaald. Betaalden we aan het begin van de zomer nog 115 dollar per vat, gisteren werd er tijdelijk even een dieptepunt van 83 dollar aangetikt. Deels is deze daling ingegeven door de verzwakking van de wereldeconomie (in het bijzonder Europa en Japan), deels heeft het te maken met de opkomst van Amerika als een grote producent van olie(gerelateerde) producten met dank aan Schalie. Geruchten dat OPEC, of eigenlijk Saoedi-Arabië een andere koers gaat varen werkten vervolgens als een rode lap op een stier.

Positief nieuws?

De eerste logische reactie is dat dit positief nieuws is voor de wereldeconomie. Als je het gesimplificeerd weergeeft, is de prijs van olie eigenlijk een soort belasting, waarbij consumenten en producenten de belastingbetalers zijn en waarbij de olieproducerende landen de ontvangers zijn. Dat het Noorse oliefonds, of een Arabische oliesjeik nu wat minder verdient heeft op korte termijn een beperkte economische impact, maar betekent voor veel consumenten en producenten dat ze meer geld overhouden om uit te geven. Precies om die reden maak ik me niet zo heel erg druk om de huidige groei-afzwakking die in het Westen plaatsvindt, ook al zijn de financiële markten het tijdelijk even niet met me eens.

Maar dan die grafiek. De grafiek laat zien dat het misschien wel wat simpel is om in termen van oliesjeiks en oliefondsen te denken. Wat de grafiek weergeeft is bij welk niveau elk olieproducerend land een tekort of een overschot op de overheidsbegroting heeft. Let wel, het gaat hier om projecties, ervan uitgaande dat er geen nieuwe maatregelen komen van de diverse regeringen. Daarnaast is olie uiteraard niet alles bepalend: zo kan ik me goed voorstellen dat Rusland ook om andere redenen een tekort op de begroting kan hebben.

Wat de grafiek duidelijk weergeeft is dat bij de olieprijs die we aan het begin van het jaar hadden (ongeveer 110 dollar per vat), de helft van de weergegeven landen een overschot op hun begroting hadden. Inmiddels, bij een prijs van 85 dollar per vat, zijn er nog maar twee landen die een overschot op hun begroting hebben: Oman en Koeweit. De lijst van landen die inmiddels moeten rekenen op een begrotingstekort is groot en het zijn ook niet de minste: Nigeria, Libië, Iran, en Irak. Het zijn nou ook weer niet de meest stabiele landen, zeg maar. Nou is een begrotingstekort op zich niet het einde van de wereld –in Nederland weten we zelfs niet beter -, maar toch. Een te lage olieprijs kan destabiliserend werken en komt dan via de achterdeur, via oorlogen en conflicten weer terug.

En dan laat ik het effect van een lagere inflatie (deflatie in Europa!) en het milieueffect voor het gemak maar even onbesproken…

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s