Meer schuld is… lagere rente

Volgens de Bank voor Internationale Betalingen is de schuld van overheden, het bedrijfsleven en huishoudens wereldwijd vorig jaar met $28 biljoen gestegen. Nou gaat bij veel mensen het licht uit als we voorbij een miljard gaan, dus ik snap dat dit de vraag oproept of dat veel is of niet. Het antwoord is simpel: heul veel.

Kijken we bijvoorbeeld naar de cijfers van de Wereldbank, dan komt die toename — $28.000 mrd — overeen met ruim 35% van het bbp van $87.700 mrd in 2019. Smeren we het bedrag uit over de 7,9 miljard mensen die op deze aardbol rondlopen, gaat het om ruim $3500 per persoon.

Ook in historisch perspectief hebben we het hier over een niet eerder vertoonde klapper. Zelfs in 2007, het zwaarste jaar van de kredietcrisis, bleef de toename in het kalenderjaar onder de $15.000 mrd steken, grofweg de helft van de toename van vorig jaar. En het is niet zo dat deze schuldtoename komt na een periode van stabiele of dalende schuld. De gemiddelde jaarlijkse groei van schuld gemeten in dollars ligt sinds 2001 op 7,1%.

Dat gaat een keer mis, toch?

Je krijgt het gevoel dat het een keer mis moet gaan en toch heeft niemand het over een schuldencrisis. Sterker nog, in de obligatiemarkt krijg je geen cent extra voor de toegenomen kredietrisico’s. De kredietvergoeding op bedrijfsobligaties (de spread) ligt op het laagste niveau in jaren. Zelfs de oplopende inflatie in de VS zorgt niet meer voor extra risicovergoeding. Toen vorige week de Amerikaanse inflatie onverwacht op 5% bleek te liggen, daalde de kapitaalmarktrente tot 1,43%.

De oorzaak achter deze tegenstellingen is uiteraard snel gevonden: de onvoorwaardelijke steun van de diverse centrale banken om de rust in de obligatiemarkten te waarborgen. Het overgrote deel van de nieuwe schuld uitgegeven door overheden (en een klein deel van de bedrijfsschulden) belandde vorig jaar vrijwel direct op de balans van de centrale banken, waarmee de impact voor de markt geneutraliseerd werd. In een dergelijke situatie spelen kredietrisico’s of de inflatie slechts een ondergeschikte rol ten opzichte van centrale banken.

Wen er maar aan, zou ik zeggen. Voor de komende jaren moeten we rekening houden met een gewijzigde reactie in de obligatiemarkt in vergelijking met wat we in het verleden hebben gezien. Waar inflatie vroeger tot stevige correcties in de obligatiemarkt leidde, kijkt de markt nu voornamelijk naar de centrale bank om te zien hoe die reageert.

Met heul veel meer schuld in het systeem lijken de centrale banken niet heel erg veel ruimte te hebben om de kapitaalmarktrente al te hard te laten oplopen. Hogere inflatie vertaalt zich in een dergelijk scenario in een lagere reële vergoeding en veel minder in een hogere kapitaalmarktrente.

(Origineel gepubliceerd in het Financieele Dagblad van 16 juni 2021)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s